Saint Cornély in Carnac
Saint Cornély in Carnac

Saint Cornély.

Saint Cornély was paus in Rome. Vandaar werd hij verjaagd door heidense soldaten, die hem bleven achtervolgen. Hij vluchtte dus vóór hen uit, samen met twee ossen die zijn bagage droegen, en ook hemzelf als hij vermoeid was.

Op een avond kwam hij aan een dorpje, Le Moustoir, waar hij wilde halt houden. Maar omdat hij een meisje haar moeder hoorde beledigen, reisde hij verder en kwam kort daarna aan een grote berg met een klein dorpje. Vóór hem lag de zee, vlak achter hem kwamen, in dichte gevechtsorde, de soldaten. Hij hield stil en veranderde het hele leger in stenen.

Om dit mirakel te herdenken bouwden de inwoners van die streek en de omtrek op de plaats waar hij had halt gehouden, een kerk die werd toegewijd aan Saint Cornély.

Dat is waarom je die lange rijen staande stenen ziet ten noorden van de gemeente Carnac. Dat is waarom ’s nachts dikwijls geesten rondwaren in die steenlanen, men noemt ze Sourdartet san Cornély, soldaten van Saint Cornély.

Weldra stroomden van alle landen pelgrims toe om aan Saint Cornely de genezing te vragen van hun zieke dieren. Hij genas ze allemaal, ter herinnering aan de diensten die de twee ossen hem hadden bewezen op zijn vlucht naar Carnac.

De erudiete priester J.Buléon vertelt in de Annales de Bretagne nog een andere versie:

In die tijd reisde de heer Saint Cornély door de wereld op een kar die werd getrokken door runderen, en overal bracht hij Gods zegen. Maar heidense soldaten wilden hem doden, en ze achtervolgden hem. Maar toen kwam Saint-Cornély aan in Carnac en hij zegde : “Hier wil ik halt houden, hier wil ik blijven.” Toen verborg hij zich in het oor van een os en hij veranderde de soldaten die hem achtervolgden in stenen.

**********

Saint Cornély kwam op een dag met zijn ossen voorbij op de marktweg in Auray, op de weg naar Carnac, op ongeveer 600 meter ten noorden van het dorp. Hij zag lieden die haver aan het zaaien waren en vroeg hun: Wat zijt gij daar aan het zaaien ? – Haver, antwoordden zij. – Wel, zegde de heilige, dan zult ge morgen uw haver snijden. En inderdaad, de volgende dag was de haver rijp en ze kwamen terug om ze te oogsten. Op dat ogenblik kwamen er soldaten die vroegen: Hebt ge hier geen man zien voorbijkomen met twee ossen ? – Ja, antwoordden ze, toen we deze haver zaaiden. – In dat geval, zegde hun hoofdman, heeft het geen zin om verder te gaan. Enkele ogenblikken later waren ze veranderd in stenen.

**********

Dicht bij de dorpen Moustoir en Kergroix, kon men enkele jaren geleden nog de afdrukken zien van de poten van de ossen van Saint Cornély. (Die afdrukken van ossenpoten, die elders de afdruk van duivelspoten of van één of andere heilige worden genoemd, zijn in werkelijkheid natuurlijke uithollingen die de regen in de granietsteen heeft gemaakt). Die afdrukken kwam je ook tegen in de gemeente Landévant, en de boeren wijzen de weg aan die Saint Cornély heeft gevolgd, en ze beweren dat de oogst altijd beter is waar hij is voorbijgekomen.

vrij naar Zacharie Le Rouzic, Carnac – Légendes – Traditions Coutumes et Contes du Pays, 1909, Imprimerie Cornouaillaise, Quimper.