De middeleeuwen

De middeleeuwen zijn geen homogeen geheel. We kunnen drie grote fazen onderscheiden:
– van ong. 800 tot 1214 (slag bij Bouvines) : het leenstelsel of feodaliteit (de macht is gebaseerd op grondbezit en militaire sterkte, ze wordt uitgeoefend door de lokale heer) ;
– 1214 – 1384 : gemeentelijk tijdvak (een nieuwe macht ontstaat, de gemeenten ; de macht is gebaseerd op economische welvaart) ;
1384 – 1500 : Bourgondisch tijdvak, gekenmerkt door centralisatie.

Ontstaan en ontwikkeling der vorstendommen

Karel de Kale
Karel de Kale

In 843 sterft Lodewijk de Vrome, zoon van Karel de Grote. Door het Verdrag van Verdun wordt het rijk van Karel opgesplitst in drie delen : het westelijk deel, Francia, is voor Karel de Kale ; het oostelijk deel is voor Lodewijk de Duitser, en is de grondslag voor het latere Heilig Roomse Rijk der Duitse Natiën ; het midden en de keizerskroon komen toe aan Lotharius.

In 925 gaat dit middendeel, Lotharingen, volledig op in het Duitse Rijk. Vlaanderen behoort dan aan de Franse kroon. Brabant, Luxemburg, Loon en Luik gaan naar het Duitse Rijk. De delen van het huidige België waren grensgebied, en hadden een zekere zelfstandigheid.

Het graafschap Vlaanderen ontstaat eerder dan Luik en dan Brabant. In het algemeen vallen in deze periode de gronden steeds verder uiteen, en wordt het gezag meer en meer versnipperd. De Vlaamse gebieden waren behoorlijk zelfstandig, o.a. door de noodzaak van verdediging tegen de invallende Noormannen : de plaatselijke heren voelden het gevaar te sterk om bij gevaar eerst nog hun vorst te raadplegen. Ze brengen een eigen verdedigingsmacht op de been, eerst om zich te beveiligen, later om aan expansie te doen.

In de 9e eeuw begint Boudewijn met de Ijzeren arm de uitbreiding van het gebied dat rond Gent en Brugge lag. Zijn zoon, Boudewijn II de Kale verlegt de grenzen tot Noord-Frankrijk en het Doornikse.

Het Gravensteen te Gent, gebouwd door Filips van den Elzas
Het Gravensteen te Gent, gebouwd door Filips van den Elzas

In de 11e eeuw moest deze uitbreiding halt houden omdat men stootte op de ook uitbreidende Normandiërs en het Île de France. Boudewijn van Rijsel verlegt dan zijn aandacht over de Schelde, en gaat tot aan de Dender. Hierdoor wordt hij ook leenman van het Keizerrijk, en wordt Vlaanderen opgedeeld in Kroonvlaanderen en Rijksvlaanderen. De Schelde werd van grens een binnenrivier. Door huwelijk kwam er een eerste verbinding met Henegouwen. In de twaalfde eeuw, onder de graven Diederik en Filips van den Elzas wordt Vlaanderen de topmacht van het Westen. Vanaf dan neemt de macht van Frankrijk toe en begint het verval van Vlaanderen. Uit wrok tegen de centralisatie door Diederik gaat de Vlaamse adel de kant kiezen van de Fransminnende Leliaarts.

Advertenties