Brabançonner, Brabançonst !

belgische vlag

Juicht! Belgen, juicht!
tekst: V.Ceulemans – muziek: Van Campenhout

Juicht! Belgen, juicht! in vreugdevolle akkoorden,
Van Haspengouw tot aan het Vlaamsche strand,
Van Noord tot Zuid, langs Maas- en Scheldeboorden,
Juicht, Belgen, juicht door gansch het Vaderland!
Een manlijk volk moet manlijk durven zingen
Terwijl zijn hart van eedle fierheid beeft;
Nooit zal men ons een morzel gronds ontwringen,
Zoo lang een Belg, ’t zij Waal of Vlaming leeft!
Nooit zal men ons een morzel gronds ontwringen,
Zoo lang een Belg, ’t zij Waal of Vlaming leeft!(x 3)

Geen morzel gronds, geen enkel van de rechten
Waarvoor het bloed der vadren heeft gevloeid,
Zoolang een man, een vrouw of kind kan vechten,
Een enkel hart, een Belgisch harte gloeit.
Geen slavenjuk wordt ons ooit aangevijzeld
Geen schandig juk der minste dwinglandij,
Of ’t wordt op ’t hoofd der dwingelands verbrijzeld,
Ons Belgenland blijft eeuwig, eeuwig vrij.
Of ’t wordt op ’t hoofd der dwingelands verbrijzeld,
Ons Belgenland blijft eeuwig, eeuwig vrij.(x 3)

Zingt hooger nog, en laat Europa ’t hooren,
Hier heeft de Vorst de Grondwet in de hand,
Voor heel het volk den duren eed gezworen
Dat hij slechts leeft voor ’t dierbaar Vaderland.
Naast d’Eersten Belg staan zes miljoenen Belgen
Vol eendrachtszin ten heldendood gereed,
Die m’een voor een en allen moet verdelgen
Eer iemand ooit ons land het zijne heet.
Die m’een voor een en allen moet verdelgen
Eer iemand ooit ons land het zijne heet.(x3)

Bron: Liederboekje van den Boerenbond, jaar van uitgave onbekend.

Advertenties