Archief

Archief voor de ‘onderwijs’ Categorie

Een toekomst voor goede studenten.

4 november 2008 Plaats een reactie

Gelezen in Vacature van vrijdag 31oktober 2008, in het artikel “De 6 econoshocks van Geert Noels“.

Voor jonge mensen is de situatie op de arbeidsmarkt veel beter dan vroeger. Bedrijven vechten om hen te kunnen aanwerven. Wie niet zo goed opgeleid is, krijgt het moeilijker, maar wie een goede opleiding achter de rug heeft, hoeft niets te vrezen. Er zijn nu al te weinig jongeren om alle vacatures op de arbeidsmarkt in te vullen. Dat fenomeen zal alleen maar toenemen. Jonge mensen moeten zich daar zeer goed van bewust  zijn. Als ze goed opgeleid zijn en als ze over de juiste vaardigheden beschikken, ligt de wereld aan hun voeten. (…)

Categories: onderwijs

“Het niveau is bedroevend.”

25 augustus 2008 Plaats een reactie

Even dit krantenknipsel uit de Gazet Van Antwerpen van woensdag 18 januari 2006 van de vergetelheid redden.

Hoogleraar klaagt over KENNIS FRANS bij jongeren.

“Het niveau is bedroevend”.

ANTWERPEN – Van 1986 tot 2005 is de instapkennis bij de eerstejaars taalkunde Frans (vroegere Romaanse taal- en letterkunde) elk jaar gedaald. Dat stelt professor Alex Vanneste vast. De hoogleraar Franse taalkunde en spraakkunst aan de Universiteit Antwerpen onderwierp zijn beginnende studenten gedurende twintig jaar aan precies dezelfde test.

“Sinds 1986 organiseren wij in september voor de opleiding Frans een intensieve taalpropedeuse”, legt professor Alex Vanneste uit. “Op de eerste dag van die voorbereidende cursus onderwerp ik alle studenten aan een computergestuurde begintest over de Franse spraakkunst. Aan het einde van de propedeuse, waarbij de grammatica gedurende één tot twee weken grondig wordt doorgenomen, leggen de studenten opnieuw een test af. Het gaat allemaal over stof die volgens de leerplannen op het einde van het secundair onderwijs gekend zou moeten zijn.”

In twintig jaar daalde het gemiddelde resultaat van de begintest van 55 naar 40 procent. Het gemiddelde resultaat van de eindtest daalde in dezelfde mate, van 75 naar 60 procent.

“Bedroevende cijfers”, vindt professor Vanneste, die de schuld zeker niet bij de studenten zelf wil leggen. “Onze jeugd is echt niet dommer geworden”, zegt hij. “In twee weken – de periode tussen de begin- en de eindtest – zijn ze immers nog steeds in staat om zo’n 20 procent vorderingen te maken.

De Antwerpse hoogleraar valt wel zwaar uit naar wat hij de pedagoochelaars in het secundair onderwijs noemt. “Die zogenaamde pedagogen gooien de klassieke Franse spraakkunst overboord en gaan de louter communicatieve toer op. Je moet iets alleen nog gezegd krijgen. De rest is niet belangrijk. Je veux UN bière is oké, want zo weten de anderen tenminste dat je bier en geen soep moet hebben. Allemaal goed en wel, maar als je onder dit publiek leerkrachten Frans moet opleiden of jongeren moet zoeken die in de bedrijven goed kunnen communiceren … De bedrijfswereld hunkert trouwens naar jonge mensen die Frans kennen, veel meer dan Engels. Tussen haakjes, de kennis van Duits onder de jongeren is nòg rampzaliger.”

Andere mogelijke oorzaken voor de ‘teloorgang’ van het Frans zijn volgens de professor een gestage daling van het aantal uren Frans in het lessenpakket, de groeiende concurrentie van het Engels en het communautaire gehakketak.

“Er moet dringend iets gebeuren vanuit het beleid”, besluit professor Vanneste. “Want als de basiskennis Frans al zo laag is bij wie die taal op universitair niveau wil gaan studeren, hoe zit het dan bij de minder gemotiveerde studenten? En wat als het hoger onderwijs binnenkort ook nog eens zijn slaagpercentages moet verhogen? Moeten wij de diploma’s dan op een schoteltje geven?”

(…)

Sabine Deman

Le français du 21e siècle

 

Van Alex Vanneste verscheen

Le français du XXIe siècle : introduction à la francophonie : eléments de phonétique, de phonologie et de morphologie,  Antwerpen ; Apeldoorn, 2005. Uitgeverij: Garant

Formaat (hoogte): 24 cm
337 pagina’s
Extra pagina’s: IV
Met illustraties
ISBN: 90-441-1741-6
SISO: Moderne taalkunde (837)
Trefwoord(en): Franse taal

Categories: onderwijs, taalonderwijs

Dode, witte, Europese mannen.

30 juli 2008 Plaats een reactie

Uit: “Wat is er mis met dode, witte, Europese mannen?”, een interview door Piet Piryns en Hubert Van Humbeeck met de Britse filosoof Roger Scruton in Knack van 4 juni 2008.

Hebt u de indruk dat de kloof tussen de intellectuelen en de gewone man steeds groter wordt?

SCRUTON : Eerlijk gezegd, ik weet het niet. Als dat zo is, dan komt het omdat het onderwijs om zeep is geholpen. Vroeger was het voor iemand uit de sociale middenklasse zoals ik nog mogelijk om door hard te studeren aansluiting te vinden bij de culturele elite. Nu is dat veel moeilijker. Tegenwoordig gaat men ervan uit dat onderwijs dient om een vorm van sociale gelijkheid te bevorderen, en niet om kennis te verspreiden. En de gevolgen zijn desastreus, zeker in Engeland.

Hoe kan of moet cultuur worden onderwezen?

SCRUTON : Kinderen op de middelbare school zouden op zijn minst een idee moeten hebben van de klassieken en van de belangrijkste momenten in de geschiedenis. Ze moeten vertrouwd zijn met het religieuze erfgoed. Dat zijn zaken die we ze moeten bijbrengen. En als het ze niet zint: daar is het gat van de deur.

Ze moeten en zullen Shakespeare en Homerus bestuderen?

SCRUTON : Jazeker, ook al interesseert het ze geen moer. Je moet op school geen tijd verliezen met Mickey Mouse.

Categories: onderwijs

bleu.blanc.rouge

16 juli 2008 2 reacties

Zopas maakte ik kennis met “bleu.blanc.rouge“, de blog van Bart Van Loo, oud-leerling, voeg ik er met in dit geval gepaste trots aan toe.

In 30 jaar onderwijscarrière heb je vele duizenden leerlingen. Allen heb je hopelijk iets bijgebracht. Van allen heb je zelf veel geleerd. Je cumuleert elk jaar voldoende positieve ervaringen om er het volgend jaar opnieuw met goesting aan te beginnen.

En soms, heel af en toe, eigenlijk bijna nooit, is er dan één oud-leerling die wegen bewandelt en dingen doet die véél verder reiken dan de stoutste dromen die je hebt over wat je binnen je vak aan leerlingen kan meegeven.

Bart is er zo één.

Daarom, begeef u allen naar http://bartvanloo.blogspot.com/. Wat u daar te zien krijgt is meer de moeite van het lezen waard dan wat hier staat.

Grappig, maar ik herlas pas nog een artikel in Knack van -godbetere- 2 september 1987 (ik kan geen oud papier weggooien, vandaar de titel van deze blog). Het bevat een interview met Wilfried Decoo, mijn oud-prof pedagogie Frans, onder de omineuze titel “Straks kent Vlaanderen geen Frans meer”. Ik citeer hieruit een stukje:

In de eerste jaren van het middelbaar verdienen de regenten alle lof. Ondanks het feit dat zij  vijfentwintig jaar met ondoelmatige metodes opgezadeld zijn, brengen zij de leerlingen door eigen initiatief en pedagogische kwaliteiten op een behoorlijk peil. Maar in de hogere jaren van het middelbaar onderwijs voltrekt zich het drama. De meeste licentiaten romaanse gaan uit van een soort moedertaal-onderwijs, vooral gebaseerd op literaire teksten en daterend uit de 19de-eeuwse Franse République des Instituteurs. Ter wille van de literatuur en grammatikale finesses valt de eigenlijke taalvaardigheidstraining stil. De breuk is immers enorm: aan het einde van de oriëntatiegraad staat een leerling op een niveau van 3000 à 4000 elementaire woorden Frans. Dan wordt hij plotseling gekonfronteerd met teksten op een moeilijkheidsniveau van 30 à 50 000 woorden. In de klas leidt dat tot ontcijferend geknoei, waar de gemiddelde leerling op afknapt.

Dat enkele bevoordeelden van die literaire analyses genieten, is geen argument om het eigenlijke taalverwerven bij de anderen stil te leggen. Onze onderzoekingen wijzen zelfs uit dat  de leerlingen op het einde van het hoger middelbaar onderwijs meestal minder Frans kennen dan op het niveau van het lager middelbaar onderwijs.

Dat was dik twintig jaar geleden. Ondertussen draai ik al een vijftiental jaren (de helft van mijn “carrière”) mee in het taalvaardigheidsgericht taalonderwijs, dat zich uitdrukkelijk niet meer richt tot “enkele bevoordeelden”, maar tot de grote middelmaat. Ik laat het aan alle verstandige mensen, die het taalonderwijs al langer dan enkele jaren volgen, om te oordelen of het huidige taalonderwijs zoveel betere resultaten heeft opgeleverd dan het taalonderwijs dat hier door prof. Decoo wordt beschreven, en waarin ik moeiteloos mijn jonge ikzelf voor de klas bezig zie.

Ik vrees dat het huidige taalonderwijs veel te veel de “enkele bevoordeelden” in de kou laat staan. Het zijn nochtans die bevoordeelden die in hun verdere studies en leven met die taal en met de literaire en andere taalproducten iets zinvols gaan aanvangen. Het zijn ook die bevoordeelden die in een klasgroep de anderen mee verdertrekken.

Het is ondenkbaar dat in wetenschappelijke, wiskundige en technische vakken de leerplannen zich gaan richten op wie naast de meest interessante doelgroep valt.

In talen is dit ondertussen al meer dan een decennium de normale gang van zaken.

Gelukkig zijn er dus nog oud-leerlingen die een mens de zekerheid geven dat het niet allemaal voor niets is geweest.

Merci Bart.

P.S. Prof. Decoo, van wie ik hier een meer dan 20 jaar oud artikel citeerde, heeft over het kennis-vaardigheden-taalonderwijs van het laatste anderhalve decennium, heel pertinente dingen gezegd en geschreven. Hij is een heel leven lang onvermoeibaar op zoek naar de meest efficiënte vormen van taalonderwijs Frans. Hij heeft de leerkrachten en leerlingen tonnen bruikbaar materiaal aangereikt. Hij heeft altijd getracht leerkrachten te bemoedigen. Allemaal kwaliteiten die ik niet meteen terugvind als ik me nog maar eens aan de verplichte lectuur van een leerplan heb gezet.
Dit maar ter correctie van een beeld, mogelijk vertekend door bovengeplaatst citaat.